Schotland

Vrijdag 18 juli is onze vertrekdag. Jan Tholen, bouwer van de Dikke Druyff, en mijn broer Hans zullen mij op de heenreis naar Schotland vergezellen. Over 8 dagen, in Inverness, zal ik hen inruilen voor Birgit. Jan heeft gedurende een jaar of  8 jaar met wisselende intensiteit aan de boot gebouwd en haar vervolgens aan ons verkocht. Buiten de Zeeuwse wateren heeft hij niet of nauwelijks met haar gezeild. Voor hem een maidentrip dus, de eerste gelegenheid om van zijn “levenswerk” te genieten. Om een uur of  7 levert Thea  Jan en Hans in Middelharnis af.
Hier heeft de boot de laatste 2 weken gelegen om verschillende klussen te kunnen klaren.

De DD moest onder andere uit het water (bij Ronald Offerhaus) om de probe van de Forward Looking Sounder te kunnen plaatsen.. Verder moest een LED driekleurentop / ankerlicht (van OGM met een strobe licht en lichtgevoelige cel) gemonteerd worden en daar bovenop de aktieve radarreflector van Seame. De electrische bekabeling moest door de mast (wat een kl…. Klus; Jan en ik zijn er een hele dag mee bezig geweest, omdat we een pilot-lijntje kapot hadden getrokken!), de luidspreker van de misthoorn moest gemonteerd worden in de mast, het motorbedieningspaneel moest gerepareerd (Cor), de morsebediening moest beter afgesteld (Cor), de koelvloeistoflekkage moest worden opgeheven (Cor), een reparatie aan het rolmechanisme van de kotterfok moest worden verricht (Diem), een nieuwe grootval gemonteerd (Diem). Jan heeft een flink aantal dagen mee kunnen helpen waardoor alles uiteindelijk goed is opgeschoten en ’schoonzoon’ Matthijs heeft 2 avonden geholpen met  de electronica  (de weerkaarten en de AIS). Knap zoals hij dat voor elkaar krijgt!  Pas die vrijdag hebben Birgit en Charlotte de boot kunnen inruimen en vertrekklaar kunnen maken. Om circa 7 uur leverde Thea Jan en Hans af. Als laatste activiteit hebben we het anker vervangen. Mijn Bruce anker van 20 kg heb ik vervangen voor een Rocna anker van 25kg. Nog een flinke klus om de ankerwartel om te zetten en het anker op de ankerrol te bergen.

Log 7190nm / Motor 1220h  (eind 8920 / 1424)

Precies om 21.30 varen we af, nog net op tijd voor de “nachtsluiting” van het sluisje van Middelharnis. Om 23.15 meren we af in de buitenhaven van Stellendam. De volgende morgen zullen we rond 4.00 uur vertrekken. Er is een ZW 6 voorspeld welke in de loop van zondag gaat ruimen naar NW en toenemen tot 7 à 8. Het plan is om over te steken naar Engeland en zo noordelijk mogelijk te eindigen, voordat de wind gaat ruimen.  Whitby?     Who knows.

Nadat we het Slijkgat achter ons hebben gelaten duik ik mijn kooi in. Jan doet de eerste shift samen met Hans. 3 Uur later komt Jan mijn hut binnen voor overleg. De zee is veel ruwer dan gedacht en Hans voelt zich niet lekker. Bovendien is de wind west ipv zuidwest. We besluiten de koers te verleggen. Scheveningen wordt ons doel. In plaats van een overtocht van 1 of 2 dagen liggen we na een aantal uren alweer in een haven. Drie dagen, verwaaid,. verschillende kroegen en eetgelegenheden onveilig gemaakt, en nog enkele klussen geklaard (verkankerde accupool 24 volt gerepareerd met slangklem, verstopping toilet wegens een defecte 3 wegkraan, lekkage kachelpijp, fixatie rocna anker in de ankerkluis, fruit/groente net in kajuit).

Dinsdag 22 juli om 4.00 vertrekken we opnieuw. Het is nog steeds WNW 7 met een ruwe zee. Hoog aan de wind kunnen we de Hollandse kust net vrij varen. In de loop van de middag neemt de wind af zoals voorspeld, om vervolgens woensdag en donderdag geheel te verdwijnen. Gelukkig? Ruim 60 uur monotone dreun van de motor komt er voor in de plaats. Maar ook goddelijke zonovergoten “zwembroekdagen”, waarvoor Hans de term “Hollywood zeilen” introduceert. Verschillende culinaire hoogstandjes worden uitgeprobeerd en tijdens het happy hour op het achterdek wordt er ook een hengel uitgegooid. Het brengt geen geluk. Vis wordt er niet gevangen. Wel een zeemeeuw! Hij was met zijn vleugel tegen de vislijn aangevlogen en erin vast blijven zitten. Uiteindelijk was hij al spartelend tot aan de vishaak opgeschoven en vast komen te zitten. Een gebroken vleugel en een grote wond heeft hij er aan overgehouden. We waren er alle drie door aangeslagen. (Het kan geen toeval zijn “Seagull I don’t want your wings, I don’t want your freedom our your life” van Bob Dylan speelde op dat moment op de Ipod! Ik zal dit liedje voortaan altijd met dit voorval associëren!)

De nacht van donderdag op vrijdag, voor Aberdeen, is erg mistig. Dan merk je de voordelen van een goede radar met marpa en radar overlay. (Tijdens deze reis gebruiken we voor het eerst de E80 van Raymarine.) Ook krijgen we de indruk dat we door de actieve radarreflector van Seame zeer goed gezien worden door de andere scheepvaart.

Vrijdagmorgen, bij opkomende zon, geven 2 dolfijnen een prachtige zwemshow bij de boeg van de Dikke Druyff. Wat is zeilen (excuses…, motoren) dan prachtig. Wanneer de mist eenmaal is opgetrokken, blijft er een heerlijke zonovergoten dag met (eindelijk) een fantastisch lopend windje van 4-5 uit ZO. Met de halfwinder op zijn we, volop genietend, de Moray Firth ingevaren richting Inverness. Ruim 80 mijl met een Dikke Druyff op topsnelheid (met uitschieters tot ver boven de 9,5 knoop!)

Fantastische vergezichten in een prachtige baai.

Scotland…. , here we come!

Jan heeft heerlijk kunnen genieten van “zijn boot”. Een boot om trots op te zijn.

Vrijdag 25 juli om 22 uur laten we het anker zakken bij Fortrose, 10 mijl voor Inverness. We hebben het gehaald, precies op tijd.

We weten niet hoe snel we aan wal moeten om onze eerste whisky te bemachtigen. Een hele tour om een pub te vinden, maar uiteindelijk hebben we met hulp van Glenn de (volgens hem) beste pub van Scotland gevonden met een uitgelezen verzameling whisky’s. We hebben er heel wat geproefd.
Het gekke is dat de weg naar de pub veel langer leek dan de weg terug! Kennelijk word je van whisky toch niet zo dronken! En wat hebben we lekker geslapen!

Op zaterdagmorgen varen we na een genoeglijk ontbijt de Inverness Firth op. Je moet vanwege de stroming liefst bij hoog of laag water langs de Kennock Bridge.  We moeten nog enige tijd voor Clachnaharry sealock wachten voordat we geschut kunnen worden. Wat een hoogteverschil! Vervolgens naar Muirtown Bassin Marina, waar we afgemeren en de boot aan kant maken. Hans en Jan pakken hun plunje. Aan het eind van de middag gaan we Inverness in om te passagieren en later Birgit van de trein te halen.

Inverness is de hoofdstad van de Highlands en het begin van het Caledonian Canal. Wat een verandering met 1972.
Toen was het (in mijn ogen) een kneuterig provinciestadje zonder enige infrastructuur; visserij en whisky waren de belangrijkste redenen van bestaan.
Nu zijn er brede snelwegen met indrukwekkende bruggen, die industrieterreinen en grote shopping centra met elkaar verbinden. De 24 uurs economie viert hoogtij; supermarkten zijn 7 dagen per week geopend en in het centrum vind je op elke hoek van de straat een GSM shop. En last but not least:  McDonalds!

Maar je vind er ook nog (in de straatjes achteraf) ouderwetse pubs waar geelverkleurde foto’s van the Beatles en Johnny Cash aan de muur hangen (met originele handtekeningen en al!) en de diskjockey (doet alsof ze) life music speelt; totdat je haar bij de bar tegenkomt waar ze een ale bestelt terwijl de muziek gewoon verder speelt (en zingt!!) Hoewel wij ons ook niet onbetuigd laten, schrik ik van de enorme alcoholconsumptie in dit soort gelegenheden. Wordt er in  Groot Brittannië meer gedronken dan in Nederland? Of kom ik alleen hier in dit soort gelegenheden?

Fors besmet met het alcoholvirus begeven wij ons om 19.30 uur met fles champagne naar het station om Birgit ook aan te steken. En dat lukt aardig! (Zij is vanmiddag met het vliegtuig in Edinburgh geland en met de trein verder gereisd. Vanwege haar werk kon haar vakantie niet eerder beginnen. Maar vanaf vandaag heeft zij (en ik dus ook) nog 4 weken!)

Na de welkomst champagne op het perron begeven we ons, op advies van de havenmeester, naar het beste restaurant van Inverness voor een gecombineerd galgen- en welkomstmaal. Ook dit is niet als vroeger! Wij hadden een maaltijd op Fish and Ships niveau verwacht, maar krijgen een perfecte maaltijd voorgeschoteld van de Franse (met een vleugje Italiaanse) keuken!

Op de terugweg hebben we (in een kennelijke staat) the “Stairway to heaven” bekeken. De eerste serie sluizen van het Caledonian Canal. De foto’s spreken voor zich.

Op zondagmorgen breng ik Jan en Hans naar de trein. De afsluiting van een mooie heenreis naar Schotland.